ضع اعلانك هنا

في بحيرة أولدنزال؛ أهداني الفنان لوحة السلام…

الكاتب / بروفيسور قاسم المحبشي …

حينما يجتمع الفنان التشكيلي بالمتأمل الفلسفي، لا يكون اللقاء مجرد صحبة عابرة، بل يتحول إلى مساحة مشتركة ترى فيها الأشياء بعمق مضاعف؛ عين ترسم، وأخرى تتأمل، وقلبان يحملان ذاكرة مثقلة بما رأته من انكسارات الأوطان. بينما كان صديقي الفنان منهمكًا في ترتيب أدواته، كنت أنا أستسلم لمشهد الغروب، ذلك الطقس الكوني الذي لا يكرر نفسه، وإن بدا متشابهًا. كانت الشمس تنسحب بهدوء، كأنها لا تريد إزعاج أحد، تاركة خلفها خيوطًا ذهبية تتسلل بين الأشجار وتستقر على صفحة الماء، فتمنح البحيرة روحًا أخرى، أكثر دفئًا، وأكثر حنينًا

في بحيرة أولدنزال أدركنا، دون أن نتفق، أن العالم المتعب يحتاج إلى لحظة صفاء واحدة ليكتشف حاجته العميقة إلى السلام. هناك، حيث يتعانق الضوء مع الماء في مشهد لا يشبه إلا نفسه، كان كل شيء يميل إلى السكون، وكأن الطبيعة نفسها تهمس لنا: هذا هو الأصل، وهذا ما يجب أن يعود إليه الإنسان.

ذلك الضوء الذهبي لم يكن مجرد ضوء؛ كان ذاكرة كاملة. أعادني دفعة واحدة إلى شاطئ بحر العرب، إلى كورنيش خور مكسر، إلى حي السعادة، حيث تركت أيامًا ما زالت تسكنني كما يسكن الضوء سطح الماء. هناك، كنت أعيش الحياة ببساطتها الأولى، دون أن أعرف أن الزمن يمكن أن ينقلب، وأن الأماكن قد تصبح ذكرى موجعة. في تلك اللحظة، شعرت أن الغروب لا ينهي يومًا فقط، بل يعيد ترتيب ما تبقى فينا من صور وأصوات ووجوه.

وصلنا البحيرة في لحظة المغيب المهيب، وكان المكان، على غير عادته في الصيف، شبه خالٍ. المقاعد التي كانت تضج بالحياة صارت تنتظر، كأنها تعرف أن الفرح مؤجل إلى حين. بعض الصيادين، وعابرون يمشون بصمت، كانوا شهودًا على هذا السكون العميق. حتى الماء بدا أكثر وقارًا، يحتفظ ببرودته، كأنه يرفض أن يمنح دفئه بسهولة. اقتربت منه، لامست نبضه، فوجدته باردًا حدّ الامتناع، فتراجعت، وعدت إلى مكاني، كما يعود الإنسان أحيانًا من فكرة كان يظنها ممكنة.

كان صديقي، القادم من العراق، يبدأ رسمه بلا تخطيط، كما لو أن ذاكرته هي التي تمسك بالفرشاة. شيئًا فشيئًا، أخذ الشكل يتضح، حتى ظهرت حمامة بيضاء، تحلق في فضاء مفتوح، لا تحده حدود ولا تلوثه ضوضاء. لم يقل شيئًا، لكن اللوحة كانت تقول كل شيء. كانت حمامة سلام خرجت من عمق الألم، لا من رفاهية الخيال.

رفعت رأسي إلى السماء، فرأيت سربًا من الطيور يشكل لوحته الخاصة، بلا ألوان ولا أدوات، فقط بانسجام غامض لا يخطئ. كانت تتحرك كأنها تعرف طريقها دون قائد، ترسم أشكالًا تتبدل في لحظات، لكنها تترك أثرًا طويلًا في النفس. في تلك اللحظة، أدركت أن الحرية لا تحتاج إلى تفسير، وأن الجمال حين يكون صادقًا، لا يحتاج إلى لغة.

سألت الفنان المبدع رائد يعقوب وأنا لا أزال مأخوذًا بالمشهد: هل ما زالت الطيور تحلق في سماء بلداننا؟ سكت قليلًا، ثم أجاب بصوته البغدادي الدافئ: يا معود… يا طيور… يا نوارس… تحلق في فضاءات صارت مزدحمة بالصواريخ والطائرات الحربية. كانت جملة قصيرة، لكنها حملت ثقل العالم كله. شعرت أن السماء نفسها ضاقت، وأن الطيور التي خلقت للحرية، صارت تبحث عن مكان آمن بين ضجيج الحرب.هناك، بين لوحة حمامة السلام وسرب الطيور الحقيقي، تبلورت الفكرة ببساطة مؤلمة: السلام ليس شعارًا، بل ضرورة وجود. ليس ترفًا سياسيًا، بل حاجة إنسانية، مثل الهواء والماء. الحروب لا تسرق الأرض فقط، بل تسرق السماء أيضًا، وتشوّه ذاكرة الأماكن، وتجعل حتى الطيور تفكر مرتين قبل أن تحلق.

في تلك اللحظة، لم يعد الغروب مجرد نهاية يوم، بل صار وعدًا ضمنيًا ببداية أخرى، إذا ما اختار الإنسان أن يصغي لما حوله. الطبيعة لا تعرف الحرب، ولا تعترف بها؛ الأشجار تواصل نموها، والماء يحتفظ بنقائه، والطيور تبحث دائمًا عن فضاء أوسع. وحده الإنسان من يصر على تضييق هذا العالم.

وقع صديقي لوحته بصمت، ثم أهداها لي. لم تكن مجرد هدية، بل رسالة كاملة. فهمت أن الفن، حين يكون صادقًا، يصبح شكلًا من أشكال المقاومة، وأن الجمال قد يكون أبلغ من كل الخطب في الدعوة إلى السلام.

وهنا والآن على ضفاف بحيرة أولدنزال، وبين انعكاس الشمس وسكون الماء، تذكرت محمود درويش، كأن صوته يأتي من بعيد ليكمل ما عجزنا عن قوله. شعرت أن الشعر، مثل الطيور، يحاول دائمًا أن يحلق فوق الخراب، وأن يذكرنا بأن هذا العالم، رغم كل شيء، ما زال قادرًا على أن يكون مكانًا صالحًا للحياة… إذا تركنا للحمام أن يحلق، وللشمس أن تغرب بسلام.

أنتِ العيون التي فرَّ منها الصباح
حين صارت أغاني البلابل
ورقاً يابساً في مهب الرياح!
#درويش

Bij het meer van Oldenzaal schonk de kunstenaar mij een schilderij van vrede 🕊️

Wanneer een beeldend kunstenaar en een filosofische beschouwer elkaar ontmoeten, is het geen vluchtig samenzijn, maar een gedeelde ruimte waarin de dingen met een dubbele diepte worden gezien: één oog dat schildert, een ander dat contempleert, en twee harten die een geheugen dragen, zwaar van wat het heeft gezien aan gebroken vaderlanden. Terwijl mijn vriend, de kunstenaar, bezig was zijn materialen te ordenen, gaf ik mij over aan het schouwspel van de zonsondergang – dat kosmische ritueel dat zich nooit herhaalt, ook al lijkt het telkens hetzelfde. De zon trok zich zachtjes terug, alsof zij niemand wilde storen, en liet gouden draden achter die zich tussen de bomen door weefden en zich neerlegden op het oppervlak van het water, waardoor het meer een andere ziel kreeg: warmer, weemoediger.

Aan het meer van Oldenzaal beseften wij, zonder het uit te spreken, dat een vermoeide wereld slechts één moment van helderheid nodig heeft om haar diepe behoefte aan vrede te ontdekken. Daar, waar licht en water samensmelten in een tafereel dat nergens op lijkt behalve op zichzelf, neigde alles naar stilte, alsof de natuur zelf tot ons fluisterde: dit is de oorsprong, en hiernaar moet de mens terugkeren.

Dat gouden licht was niet zomaar licht; het was een volledig geheugen. Het bracht mij in één ogenblik terug naar de kust van de Arabische Zee, naar de boulevard van Khormaksar, naar de wijk Al-Sa’ada, waar ik dagen heb achtergelaten die nog steeds in mij wonen zoals het licht op het water rust. Daar leefde ik het leven in zijn eerste eenvoud, zonder te weten dat de tijd zich kan keren en dat plaatsen pijnlijke herinneringen kunnen worden. Op dat moment voelde ik dat de zonsondergang niet alleen een dag beëindigt, maar ook herschikt wat in ons overblijft aan beelden, stemmen en gezichten.

We bereikten het meer op het plechtige moment van de schemering. De plek was, anders dan in de zomer, bijna verlaten. De banken die ooit vol leven waren, leken te wachten, alsof ze wisten dat vreugde was uitgesteld. Enkele vissers en voorbijgangers, wandelend in stilte, waren getuigen van deze diepe rust. Zelfs het water leek waardiger, vasthoudend aan zijn koude, alsof het zijn warmte niet zomaar wilde prijsgeven. Ik naderde het, raakte zijn hartslag aan, en vond het koud tot op het punt van weigering. Ik trok mij terug en keerde naar mijn plaats terug, zoals een mens soms terugkeert van een gedachte die hij mogelijk achtte.

Mijn vriend, afkomstig uit Irak, begon te schilderen zonder plan, alsof zijn geheugen de penseel vasthield. Langzaam werd de vorm zichtbaar, tot een witte duif verscheen, vliegend in een open hemel zonder grenzen en zonder lawaai. Hij zei niets, maar het schilderij zei alles. Het was een vredesduif geboren uit pijn, niet uit luxe verbeelding.

Ik hief mijn hoofd op en zag een zwerm vogels die haar eigen schilderij vormde, zonder kleuren of gereedschap, alleen met een mysterieuze harmonie die niet faalt. Ze bewogen alsof ze hun weg kenden zonder leider, vormden steeds wisselende patronen, maar lieten een blijvende indruk achter in de ziel. Op dat moment besefte ik dat vrijheid geen uitleg nodig heeft, en dat ware schoonheid geen taal vereist.

Ik vroeg de creatieve kunstenaar Raed Yacoub, nog steeds betoverd door het tafereel: vliegen de vogels nog steeds in de lucht van onze landen? Hij zweeg even en antwoordde toen in zijn warme Bagdadse toon: “Man… vogels… meeuwen… ze vliegen in luchten die nu gevuld zijn met raketten en gevechtsvliegtuigen.” Het was een korte zin, maar ze droeg het gewicht van de hele wereld. Ik voelde dat de hemel zelf smaller was geworden, en dat vogels, geschapen voor vrijheid, nu naar een veilige ruimte zoeken te midden van het lawaai van oorlog.

Daar, tussen het schilderij van de vredesduif en de echte zwerm vogels, werd het idee pijnlijk eenvoudig: vrede is geen slogan, maar een bestaansnoodzaak. Geen politieke luxe, maar een menselijke behoefte, zoals lucht en water. Oorlogen stelen niet alleen land, maar ook de hemel; ze vervormen de herinnering aan plaatsen en laten zelfs vogels aarzelen om te vliegen.

Op dat moment was de zonsondergang niet langer slechts het einde van een dag, maar een impliciete belofte van een nieuw begin – als de mens ervoor kiest te luisteren. De natuur kent geen oorlog en erkent haar niet: bomen blijven groeien, water behoudt zijn zuiverheid, en vogels zoeken altijd een ruimere horizon. Alleen de mens blijft deze wereld vernauwen.

Mijn vriend signeerde zijn schilderij in stilte en gaf het mij. Het was geen geschenk, maar een volledige boodschap. Ik begreep dat kunst, wanneer zij oprecht is, een vorm van verzet wordt, en dat schoonheid welsprekender kan zijn dan alle toespraken in haar oproep tot vrede.

Hier en nu, aan de oevers van het meer van Oldenzaal, tussen de weerspiegeling van de zon en de stilte van het water, dacht ik aan Mahmoud Darwish, alsof zijn stem van ver kwam om af te maken wat wij niet konden zeggen. Ik voelde dat poëzie, net als vogels, altijd probeert boven de verwoesting uit te stijgen en ons eraan te herinneren dat deze wereld, ondanks alles, nog steeds in staat is een leefbare plek te zijn… als wij de duiven laten vliegen en de zon in vrede laten ondergaan.

Jij bent de ogen waaruit de ochtend is gevlucht
toen de liederen van de nachtegalen
verdorde bladeren werden in de wind.
#Darwish

ضع اعلانك هنا